Verhaal

Het Romeinse Rijk strekte zich op haar hoogtepunt uit van Schotland tot Noord-Afrika en van Portugal tot Irak. De Middellandse Zee was voor de Romeinen mare nostrum, ‘Onze Zee’, geworden. Om de grenzen, de limes, te beschermen was mobiliteit van cruciaal belang voor het Romeinse leger. Door de effectieve infrastructuur konden de Romeinse soldaten zich snel naar brandhaarden of buitengrenzen verplaatsen. Hierdoor zagen de Romeinse legioenen behoorlijk wat van de wereld.

Auteur: Pim Mohring, RomeinenNu

Dat de Romeinse legionairs en de auxilia (hulptroepen) van heinde en verre kwamen, zien we terug in archeologisch materiaal. Zo is de grafsteen van Valens teruggevonden in het voormalig Romeinse Castellum Fectio (fort Vechten). Valens was een ruiter van Ala I Thracum; Thracische auxilia. Een bewijs van de multiculturele identiteiten in het Romeinse leger: als lid van de auxilia kon je uit Thracië (het huidige zuidoost Bulgarije) komen, Rome dienen en in de huidige provincie Utrecht gelegerd zijn. Een net zo fraai voorbeeld is de vondst van een Romeinse voorhoofdsband van een ruiterhelm in Castellum Hoge Woerd bij Utrecht, afkomstig uit Noord-Afrika. Ook onder het Domplein zijn er sporen van de multiculturele identiteit van het Romeinse leger gevonden. Dankzij een stempel op een dakpan uit de Romeinse tijd weten we dat het cohors II Hispanorum peditate in castellum Traiectum was gelegerd; dit waren infanteriehulpsoldaten afkomstig uit het huidige Spanje.

Bataven in het buitenland

De Bataven waren een van de stammen die in het huidige Nederlandse gebied leefden. Met de verovering van hun gebied in het begin van de 1e eeuw n. Chr. werden de Bataven ingelijfd in het Romeinse Rijk. Bijzonder is dat volgens de Romeinse schrijver Tacitus (ca. 56-117 n. Chr.) de Bataven niet verplicht waren tot het betalen van belasting, in plaats daarvan moesten zij mannen leveren voor de auxilia. Als we Tacitus mogen geloven waren de Bataven de dapperste van alle Germaanse stammen, de Romeinen konden hen dus goed gebruiken op het slagveld. Dit bewezen de Bataafse auxilia cohorten onder andere tijdens de Slag bij Mons Graupius in het noorden van Schotland.

De Bataafse Keizerlijke lijfwacht

Ook de Romeinse keizers zagen de grote waarde van de Bataafse krijgers. Zo bestond een eenheid van de keizerlijke lijfwacht uit Bataven, de Numerus Batavorum. Een fraai bewijs hiervan is de grafsteen van de Bataaf Indus, lid van de Numerus Batavorum, die in Rome is gevonden. Van Nederland naar Schotland en Rome, of van Noord-Afrika, Spanje en Thracië naar Utrecht. Zat je in het Romeinse leger dan zag je de wereld.

Op de kaart

meer
meer