Bekijken

De Romeinse soldaten waren getraind om lange afstanden te marcheren. Daar kregen ze stevige leren schoenen voor met (voor die tijd) dikke zolen. Ze waren genaaid uit één stuk leer en zaten heel comfortabel als je ze had ingelopen. De zolen waren beslagen met soms wel tientallen spijkers. Zo hadden de schoenen een betere grip op de weg of op de grond, en werd de dunnen leren zool beschermd tegen slijtage. Vaak zijn de schoenen vergaan, maar de bespijkerde zolen nog bewaard gebleven.

De soldaten die in fort Fectio gelegerd waren, verloren wel eens iets van hun wapenrusting. Onderdelen van harnassen en wapens raakten kwijt, oud materiaal werd weggegooid of vergeten.  Soms offerden de militairen bijzondere en kostbare uitrustingsstukken aan de goden. Misschien deden ze dat omdat ze dat beloofd hadden, of als dank voor een gelukkige gebeurtenis – zoals het verlaten van de dienst. Ook deze soldatenspullen vinden de archeologen terug in de bodem.   

Soldatenschoenzolen

meer